In De eeuw van Charlie Chaplin vertelt Matthijs de Ridder het verhaal van de twintigste eeuw gezien door de lens van een van haar grootste iconen: Charlie Chaplin. Op sprankelende wijze vertelt hij over een tijdperk vol slapstick en drama. Een fenomenale cultuurgeschiedenis van een woelige periode.

Toen Charlie Chaplin begin 1914 zijn camera voor het eerst op de wereld richtte, had hij geen idee wat hij van de moderne tijd kon verwachten. Alles ging razendsnel. Binnen een jaar was hij de beroemdste man ter wereld. Maar de nieuwe tijd had ook een andere kant. In de voortdenderende twintigste eeuw belandde de tramp onherroepelijk in de loopgraven van de Eerste Wereldoorlog, moest hij zich met veel fantasie staande houden in het door de Grote Depressie getroffen Amerika en kwam hij oog in oog te staan met Adolf Hitler. Voor Chaplin er erg in had, was hij zelf een icoon van de moderne tijd geworden.

Aan de hand van vele nieuwe bronnen werpt Matthijs de Ridder een frisse blik op het leven en werk van Chaplin. Tegelijkertijd is het boek een opmerkelijke cultuurgeschiedenis van de moderne tijd die tot de dag van vandaag onze kijk op de wereld bepaalt. In Interne keuken sprak Sven Speybrouck zich al verwonderd uit over de parallellen tussen het Charlie Chaplin-tijdperk en nu:

‘Dat is ongelooflijk om te lezen. Dat dingen waar we net over praten als zijnde van vandaag, als hyperactueel, meer dan 100 jaar geleden precies dezelfde verhalen. Het is echt een geweldig goed boek. Fantastisch.’

Ook De Standaard en Het Belang van Limburg prijzen de Ridder om het hoge actualiteitsgehalte van De eeuw van Charlie Chaplin:

**** ‘De eeuw van Charlie Chaplin is een consequent bouwwerk en een doordachte mentaliteitsgeschiedenis. (…) Deze politieke lezing van Chaplin en zijn tijd is revelerend. Door de min of meer bekende gebeurtenissen met de ogen van Chaplin te herbekijken, begrijp je weer beter waar de grote schisma’s van de moderniteit over gaan en waarom ze nog zo actueel zijn.’ – De Standaard

‘De Ridder geeft een diep inzicht in het op-en-neer van de tijdgeest van de twintigste eeuw, met Charlie als klankbord, als kanarie in de koolmijn. Mooi geschreven, helder, inzichtelijk.’ – Het Belang van Limburg

Tegelijkertijd heeft de Ridder ervoor gewaakt dat het boek niet te zwaarwichtig wordt:

**** ‘De eeuw van Charlie Chaplin is diepzinnig maar nooit zwaarwichtig. De Ridders soepele, ongekunstelde stijl bekoort en de scherpzinnige en glasheldere uiteenzetting van het gevecht van de verschoppeling Chaplin met de booswichten van zijn eeuw beklijft.’ – De Morgen

Eerder verschenen er al interviews met de Ridder in Knack en Gazet van Antwerpenwaarin hij het politieke belang van Chaplin onderstreepte:

‘Hij was misschien geen Shakespeare. Maar hij was wel een belangrijke stem in het artistieke en politieke debat.’ – Matthijs de Ridder in Knack

Op de vraag of de films van Chaplin vandaag de dag nog zouden werken, antwoordt de Ridder instemmend. Alleen is er dan wel een ander personage nodig:

‘Weet je, eigenlijk hebben alle kunstenaars de plicht om hun publiek te vermaken. En het zou niet slecht zijn als ze, ter inspiratie, wat vaker naar Chaplin zouden kijken.’ – Matthijs de Ridder in Knack.

Lees méér van WPG