Sinds vrijdag 21 april ligt het boek Brief aan de paus van Mark Vangheluwe in de boekhandel. Mark Vangheluwe (1968) besloot na jaren misbruik door zijn ‘nonkel bisschop’ het gevecht aan te gaan en het zwijgen te doorbreken. Wij selecteerden voor jou een beklijvend fragment.

Beste paus,

Ik moet je iets vertellen, maar onmacht en vooral schaamte houden me tegen. Ook twijfel en angst spelen me parten. Het is alsof ik nu pas bezit krijg over een stuk van mijn herinneringen en dit met jou wil delen. Vreemd na zoveel jaren.

(...) en ik me opeens bewust werd dat ik leefde, of beter: dat ik tot het inzicht kwam dat ik de toekomst misschien zelf kon bepalen.

Zo’n twintig jaar geleden heb ik een vreemde ervaring beleefd. Had het met de leeftijd te maken, de tijd van het jaar, mijn gemoedstoestand? Ik weet het niet. In ieder geval was het net of er in de duisternis van mijn hoofd plots een lamp ging branden en klaarte schiep in het bestaan. Het was of ik een soort verlichting gewaarwerd en ik me opeens bewust werd dat ik leefde, of beter: dat ik tot het inzicht kwam dat ik de toekomst misschien zelf kon bepalen.

Het was een vreemde, overweldigende ervaring, iets miraculeus. Ik wou dat zij zich nogmaals voordeed want zoiets overkomt een mens niet elke dag. Het overdonderde me en het was tegelijk inspirerend en overweldigend. Aangenaam en verrijkend. Verbazend doch wonderbaarlijk.

Helaas of gelukkig voor mij vond het voorval niet plaats rond Pinksteren, want dan had ik misschien gedacht dat de belevenis iets te maken zou kunnen hebben met God en consorten. Een soort uitstorting van de Heilige Geest of iets in de orde van een goddelijke psychose.

Net of het visioen me het inzicht gaf dat ikzelf iets kon beslissen, dat ik het voortbestaan in handen had en niet meer afhankelijk was van anderen die me van alles en nog wat deden geloven en doen, me deden dansen als een marionet.

Maar volgens de koningin was er van vurige tongen absoluut geen sprake. We raakten niet vol van de Heilige Geest en begonnen niet, zoals de apostelen uit de tijd van Jezus Christus, te spreken in vreemde talen. Er was in de verste verte zelfs geen geest te zien of geen heilige te bespeuren.

Het was alsof ik ontwaakte uit een hemelse, onwerkelijke droom en terstond klaarwakker was en met mijn voeten in het echte leven stond. Net of het visioen me het inzicht gaf dat ikzelf iets kon beslissen, dat ik het voortbestaan in handen had en niet meer afhankelijk was van anderen die me van alles en nog wat deden geloven en doen, me deden dansen als een marionet.

Besef is niet gelijk aan bekwaamheid en een verlichting gewaar worden is niet blijvend, in mijn geval toch niet. Binnen de kortste keren, na enkele dagen al, herviel ik terug in de oude onbewuste gewoontes.

Kortom, ik had het gevoel dat ik herboren werd, een wedergeboorte beleefde, wat volgens de Bijbel het weer tot leven komen is van de menselijke geest. Alsof ik een kuiken was en na een broedtijd van tientallen jaren uit het ei brak. Alsof ik een zaadje was dat in de woestijn, na een onverwachte regenbui en na vele jaren van ongedurig wachten, ontkiemde. Gelijk een vogel die levenslang was opgesloten en voor het eerst het vrije luchtruim kiest en vliegt. Zo voelde ik me. Ik kreeg benul van het bestaan. Noem het bewustzijn of zoiets.

Helaas, besef is niet genoeg, integendeel. Besef is niet gelijk aan bekwaamheid en een verlichting gewaar worden is niet blijvend, in mijn geval toch niet. Binnen de kortste keren, na enkele dagen al, herviel ik terug in de oude onbewuste gewoontes. Na een berg een dal, zeggen ze, na vallen opstaan. Zo gaat het met iedereen, het leven gaat niet altijd over rozen, iedereen heeft wel eens tegenslag en het geluk lacht niet iedereen elke dag toe.

Ik merkte bij mezelf op dat ik me af en toe een volwaardiger individu begon te voelen, een persoon met een eigen weg en een eigen wil. Het lukt me ook alsmaar beter om op een respectvolle manier zonder wraak en woede met mezelf om te gaan.

Maar ik had iets geproefd wat anders was, iets wat me wakker had geschud en smaakte naar meer. Een andere wending, een bocht, iets wat hoop gaf om voort te doen, een toekomst. Een nieuwe werkelijkheid.

Mijn wereld, mijn paradijs?

Gelukkig dat het mij overkwam want het hielp me vooruit. Sedertdien gebeurt het meer en meer dat ik mezelf apprecieer en beter met het innerlijke kan omgaan. Ik merkte bij mezelf op dat ik me af en toe een volwaardiger individu begon te voelen, een persoon met een eigen weg en een eigen wil. Het lukt me ook alsmaar beter om op een respectvolle manier zonder wraak en woede met mezelf om te gaan.

Dat is ooit anders geweest. Helemaal anders.

Ik leefde voordien onbewust onbewust.

En ik wist het nog niet eens.

Ik werd geleefd.

Wil je reageren op dit boek of wil je iets kwijt over dit thema? Dat kan via briefaandepaus@wpg.be 

Lees méér van WPG