‘Studeren, dat is voor strevers. Niks voor mij.’ Dat denken jongeren die niet graag naar school gaan wel eens. Jongeren voor wie de school eerder een plek van vernedering is dan een veilige omgeving waar ze kunnen leren en ontdekken wat ze waard zijn. De school is er nu eenmaal niet voor iedereen, dat is de harde realiteit in Vlaanderen. Hoe zet je een systeem op poten waar mensen niet afzakken of zittenblijven of uit de boot vallen, maar waarin iedereen mee kan, op zijn of haar eigen manier? Ann Verlinden praat in Studeren is voor strevers met onderwijsexperten, vernieuwers en ervaringsdeskundigen (lees: de slachtoffers van ons systeem). In Charlie Magazine stelt ze dat ons onderwijs heel wat kan leren van The Voice.

Over de invloed van het huidig onderwijssysteem op het zelfbeeld van jongeren

‘We parkeren die jongeren, vaak al vanaf het eerste middelbaar – waar de eerste selectie plaatsvindt – in richtingen waar ze niet altijd thuishoren. We doen dat niet op basis van de talenten van die jongeren – die zijn vaak zelden ontdekt of bekend – maar op basis van hun tekortkomingen. En dan zijn we verbaasd dat die jongeren niet graag naar school gaan en afhaken. We zijn er zo aan gewend dat we onze kinderen massaal laten ‘afzakken’ en ‘dubbelen’, dat we er niet eens meer bij stilstaan hoe traumatisch dat kan zijn, hoe nefast voor het zelfbeeld van jongeren. Een zelfbeeld dat ze voor de rest van hun leven meedragen.

Over het kernprobleem van het systeem

‘Het kernprobleem in ons onderwijsssyteem is dat we vertrekken vanuit datgene wat iemand niet kan. Die vakken waar je slecht in bent bepalen meestal of je over mag gaan of niet. Of je in een bepaalde richting kunt blijven of niet. Dat is de wereld op zijn kop. Die focus op de zwaktes van jongeren werkt verlammend, maakt schoolmoe en allesbehalve leergierig. Ook voor kinderen en jongeren uit een warm nest, die cognitief sterk zijn, goed in taal en wiskunde, werkt ons systeem demotiverend. Ons onderwijs is zodanig gericht op het hoofd dat jongeren weinig of niet leren stilstaan bij wie ze zijn, wat ze kunnen en willen, hoe ze hun toekomst zien. Door die gebrekkige aandacht voor hun persoonlijke ontwikkeling maken jongeren vaak de foute studiekeuze en later ook de foute keuzes in hun loopbaan en leven.

Terug naar The Voice. Wat kunnen onze scholen nu ‘stealen’ van dat programma? Ook The Voice is immers net als ons onderwijs een wedstrijd en bij momenten hard en meedogenloos. Met dat verschil dat The Voice vertrekt vanuit talent. Al de rest kun je leren, is het uitgangspunt. De coaches kijken door de mankementen heen die sommige kandidaten hebben en zien naar het potentieel, de groeimarge. Op die manier krijg je op het podium ook een sociale mix. Leeftijd, kleur, roots, sekse en taal spelen geen beperkende rol, wel integendeel.’

Over wat het onderwijs van The Voice zou kunnen leren

‘Wat ik zo mooi vind aan The Voice is dat ook wie geen noot kan lezen en het in Keulen hoort donderen bij de termen ‘octaaf’ of ‘tweestemmig’, kans maakt om de finale te halen of zelfs de wedstrijd te winnen. Er is slechts één criterium: talent.

‘Ook The Voice is immers net als ons onderwijs een wedstrijd en bij momenten hard en meedogenloos. Met dat verschil dat The Voice vertrekt vanuit talent. Al de rest kun je leren, is het uitgangspunt. De coaches kijken door de mankementen heen die sommige kandidaten hebben en zien naar het potentieel, de groeimarge. Op die manier krijg je op het podium ook een sociale mix. Leeftijd, kleur, roots, sekse en taal spelen geen beperkende rol, wel integendeel.’

Het volledige artikel in Charlie Magazine lees je hier.

Lees méér van WPG